Warmtepomp zonder buitenunit: wat kan wel en wat niet?
Warmtepomp zonder buitenunit: voor tapwater is dat een warmtepompboiler, voor verwarming bodem of binnenopstelling. Wat past, wat niet en wat de regels zeggen.
Op pagina negen van een doorsnee opstalpolis staat een clausule over buitenapparatuur: schade door vorst of diefstal aan toestellen die buiten de gevel hangen, gedekt tegen een toeslag. Die regel bestaat omdat vrijwel elke warmtepomp een kast in de tuin heeft, en sinds 1 april 2021 kent het bouwbesluit daar bovendien een geluidseis voor, hooguit 40 dB(A) 's nachts op de erfgrens. Een warmtepomp zonder buitenunit maakt beide regels overbodig. Zo'n toestel bestaat ook, maar niet in de vorm die de meeste zoekers voor ogen hebben. Voor warm tapwater is het de warmtepompboiler: een vat met een kleine warmtepomp erbovenop, dat gewoon binnen staat. Voor verwarming blijft het beperkt tot een bodemwarmtepomp met een boring in de tuin of een lucht/water-toestel dat binnen staat en via twee grote kanalen door de gevel ademt.
Het misverstand zit in het woord "zonder". De buitenunit verdwijnt niet, hij verhuist. Bij een binnenopstelling komt de compressor in de berging te staan en komen er twee roosters in de gevel; bij een bodemsysteem gaat de warmtebron tientallen meters de grond in. Wat u buiten wint aan stilte, betaalt u binnen in vierkante meters, in geluid in huis of in graafwerk. De eerlijke vraag is daarom niet of een warmtepomp zonder buitenunit bestaat. De vraag is waarom u hem zoekt, en of dat om een ander toestel vraagt of om een andere plek voor hetzelfde toestel. Meestal is het dat laatste.
Scenario: hoekwoning uit 1984 met de slaapkamer van de buren boven de schutting
Neem een hoekwoning uit 1984. De spouw is bij de bouw gevuld, het dubbele glas dateert uit de jaren negentig en het dak is bij de laatste dakbedekking nagelopen. Overal radiatoren, nergens vloerverwarming. Op de koudste dag van het jaar vragen die radiatoren een aanvoertemperatuur van rond de 55 °C; de rest van het stookseizoen redden ze het met 40 tot 45 °C. Dat is precies het profiel waarop een hybride is gemaakt. Een toestel in de klasse van 4 tot 6 kW, zoals de Weheat Flint P40 Hybride of de Remeha Elga Ace 4 kW Hybride, neemt het grootste deel van de stookuren voor zijn rekening op lage temperatuur en laat de ketel bijspringen zodra de aanvoer boven de 50 °C moet. De COP bij A7/W35 zegt daarbij minder dan de SCOP, want de jaarrekening wordt gemaakt op de gematigde dagen, niet op de ontwerpdag.
Waar de wens "zonder buitenunit" hier vandaan komt
De bewoner wil geen buitenunit omdat de slaapkamer van de buren boven de schutting uitkijkt op de enige logische plek. Begrijpelijk. Alleen helpt een toestel binnen hier niet: de berging staat aan dezelfde zijkant, dus de twee gevelroosters van een binnenopstelling zouden recht op diezelfde slaapkamer blazen. Een bodemsysteem valt af op een tuin van vijf meter diep waar geen boorstelling in past. Wat wél past: een warmtepompboiler zoals de Remeha Azorra Ace 200 op zolder voor het tapwater, en voor de verwarming een kleine monoblock aan de voorgevel, met de afstand tot de buren als uitgangspunt in plaats van de kortste leidingloop. Hoeveel plek dat vraagt en waar de grens met de buren begint, leest u in hoeveel ruimte een warmtepomp nodig heeft.
Zes stappen van zoekterm naar passend toestel
- Benoem waarom u geen buitenunit wilt. Geluid, uitzicht, een VvE die het verbiedt of geen plek aan de gevel: elk motief leidt naar een andere oplossing. Doe dit thuis, het kost een kwartier en voorkomt dat u een probleem oplost dat u niet heeft.
- Scheid tapwater van verwarming. Voor tapwater is een toestel zonder buitenunit vanzelfsprekend: de warmtepompboiler. Voor verwarming is het de uitzondering. Wie dat onderscheid vooraf maakt, zoekt gericht in plaats van op het hele internet.
- Meet de ruimte binnen. Een warmtepompboiler trekt lucht uit de ruimte waarin hij staat of via kanalen van buiten; een lucht/water-toestel voor verwarming binnen vraagt een flinke berging met twee kanaaldoorvoeren. Meet hoogte, vloeroppervlak en de afstand tot een buitenmuur. Noteer ook de vloer: een gevuld vat van 200 liter weegt ruim meer dan een volwassene.
- Laat het warmteverlies berekenen. Dat gebeurt tijdens de schouw aan huis, met bouwjaar, isolatiegraad en afgiftesysteem. Uit die berekening komt het vermogen in kW en de aanvoertemperatuur die uw radiatoren of vloer nodig hebben. Zonder dit cijfer is elke toestelkeuze gokken.
- Controleer de meldcodelijst van RVO. Alleen toestellen die daarop staan tellen voor de ISDE, ook een warmtepompboiler. De lijst staat op rvo.nl bij de meldcodes voor apparaten (RVO, 2025).
- Plan de plaatsing per toestel. Een warmtepompboiler hangt er bij een geoefende monteur in een dag, inclusief kanalen en condensafvoer. Een binnenopstelling voor verwarming is sloopwerk aan de gevel en kost meer dagen. Een bodemboring is een apart project met een boorbedrijf en een melding bij de gemeente.
- Dien de aanvraag ná plaatsing in. Als eigenaar-bewoner heeft u na de installatie 24 maanden om het subsidieloket van RVO te gebruiken, met DigiD, factuur en betaalbewijs. Wacht niet tot maand 23.
Vier routes naast elkaar
| Route | Buiten zichtbaar | Rendement | Geluid | Ruimte binnen | Past bij |
|---|---|---|---|---|---|
| Warmtepompboiler (alleen tapwater) | Hooguit twee kleine gevelroosters | Goed voor tapwater; verwarming blijft op de ketel | Zacht zoemen in de opstelruimte | Een vrije hoek plus een vat van 150 tot 300 liter | Bijna elke woning, ook appartementen |
| Binnenopstelling lucht/water (verwarming) | Twee grote roosters in de gevel | Vergelijkbaar met een buitenunit; het is dezelfde buitenlucht | Compressorgeluid verhuist naar binnen | Grote berging of garage tegen een buitenmuur | Vrijstaande woning met losse bijruimte |
| Bodemwarmtepomp | Niets, na het dichtgooien van de boring | Hoogste SCOP, want de bron is 's winters warmer dan de lucht | Vrijwel geluidloos | Technische ruimte voor toestel en vat | Ruime kavel, meestal all-electric op lage temperatuur |
| Compacte monoblock buiten (R290) | Een kast, maar klein en verplaatsbaar | Goed; hybride of all-electric | Stille nachtstand, eventueel geluidskap | Alleen een binnenunit of de bestaande ketel | Rijtjes- en hoekwoning met een plek weg van de buren |
Lees de tabel van onder naar boven. De warmtepompboiler is de enige route die werkelijk zonder buitenunit draait én in de catalogus van M26 staat; de Atlantic Explorer V5 200L, de Daikin Altherma M HW 200L en de ATAG Energion Nuos Plus 200L zijn zulke toestellen, allemaal binnenopgesteld met de optie om via kanalen buitenlucht aan te zuigen. De bodemwarmtepomp is technisch het mooiste antwoord op de zoekterm, maar vraagt een kavel en een project dat weinig huiseigenaren in een bestaande wijk kunnen of willen aangaan. De binnenopstelling voor verwarming is de route die ik het vaakst zou afraden. Het rendement is niet beter dan buiten, want het toestel werkt op dezelfde lucht, en het geluid dat u buiten wilde vermijden staat nu in uw eigen berging. Dat is een ruil, geen winst.
Wat doet u ermee? Begin bij het tapwater. Kies een warmtepompboiler als er een geschikte plek is en de cv-ketel nog jaren mee kan. Zoek daarna voor de verwarming niet naar een toestel zonder kast, maar naar de plek waar een kleine kast de minste last geeft. Wat een geluidskap daarin wel en niet oplost, staat in geluidskap warmtepomp buitenunit: wanneer heeft u die nodig?.
Welke regels er gelden als de buitenunit ontbreekt
De geluidsnorm uit het Besluit bouwwerken leefomgeving, de opvolger van artikel 3.8 van het Bouwbesluit 2012 dat sinds 1 april 2021 geldt, is geschreven op een buiteninstallatie: 40 dB(A) tussen 19:00 en 07:00 uur op de perceelgrens, 45 dB(A) overdag. Zonder buitenunit heeft u daar formeel weinig mee te maken. Toch is het verstandig de roosters van een binnenopstelling niet pal naast de erfgrens te zetten, want een rooster met een ventilator erachter maakt óók geluid en een buur die klaagt, kijkt niet in de wettekst. De regels rond de grens zelf staan uitgelegd in warmtepomp geluid op de erfgrens, met de tekst van de Rijksoverheid als bron (rijksoverheid.nl, 2024).
De ISDE kent geen eis over binnen of buiten. Het toestel moet op de meldcodelijst staan, het moet in bestaande bouw komen en een bouwinstallatiebedrijf met een passende SBI-code moet het plaatsen. Wie zelf de kanalen aansluit, krijgt niets. Eigenaar-bewoners vragen aan na de installatie en hebben daar 24 maanden voor; zakelijke gebruikers vragen aan vóór ze opdracht geven. Particuliere verhuurders staan sinds 2025 buiten de ISDE en gebruiken de SVOH, een VvE gebruikt voor collectieve maatregelen de SVVE. De regeling en de voorwaarden staan bij RVO (2025).
Een warmtepompboiler of een monoblock buiten is vergunningvrij, zolang het toestel niet aan een monument of in een beschermd stadsgezicht komt en de geluidsnorm wordt gehaald. Een bodemsysteem is dat niet zomaar: een gesloten bodemlus moet bij de gemeente worden gemeld en in zogeheten interferentiegebieden is een vergunning nodig. Dan nog de koudemiddelen. Een R32-split, zoals bij sommige all-electric toestellen, vraagt een F-gassen-gecertificeerde monteur voor het koudemiddelwerk in huis. Een monoblock op R290, propaan, heeft dat niet; het koudemiddelcircuit zit volledig in de buitenkast. De Intergas Xtend ECO 5 kW Hybride draait bijvoorbeeld op R290.
Wat wij hiervoor plaatsen
De prijs is inclusief installatie en de ISDE is er al af.
Azorra Ace 200€ 3.208na ISDE, incl. installatie€ 3.933 all-in, ISDE € 725 via RVOBekijk dit model
Atlantic Explorer 200L€ 3.127na ISDE, incl. installatie€ 3.852 all-in, ISDE € 725 via RVOBekijk dit model
Flint Hybride€ 5.645na ISDE, incl. installatie€ 7.995 all-in, ISDE € 2.350 via RVOBekijk dit model
Wat kost dit bij uw woning?
Vul uw adres in. Wij halen bouwjaar, oppervlakte en energielabel op uit BAG en EP-Online en rekenen de ISDE er meteen af.
Liever eerst rondkijken? Bekijk de prijzen per model of open de configurator.
Een portiekwoning uit 1962 waar de VvE niets aan de gevel toestaat
Een portiekflat van drie lagen uit 1962, zoals er duizenden staan in Den Haag, Rotterdam en Utrecht. De woning op de tweede verdieping heeft een berging van anderhalf bij twee meter achter de keuken, een cv-ketel uit 2012 aan de muur van die berging en radiatoren onder elk raam. De spouw is in een collectief traject nagevuld, het glas is HR++ sinds de laatste grote onderhoudsronde, maar het dak hoort bij de bovenbuur en de vloer bij de onderbuur. Het huishoudelijk reglement van de VvE verbiedt elk toestel aan gevel of balkon. Hier is een warmtepomp zonder buitenunit geen voorkeur maar een randvoorwaarde. Dat verandert de hele afweging. Wie in een rijtjeshuis "zonder buitenunit" zegt, kiest iets; wie in deze flat hetzelfde zegt, beschrijft gewoon de situatie.
De schouw begint dan ook niet bij de gevel maar bij de berging. Anderhalf bij twee meter, een plafondhoogte van ruim twee meter zestig en één buitenmuur die op de galerij uitkomt. Daar past een warmtepompboiler van rond de 200 liter, bijvoorbeeld de ATAG Energion Nuos Plus 200L of de Daikin Altherma M HW 200L, mits de vloer het gevulde gewicht draagt. Een betonnen verdiepingsvloer uit 1962 doet dat zonder morren. De luchtaanvoer is het echte vraagstuk. Lucht uit de berging zelf trekken gaat in zo'n kleine ruimte niet goed: het toestel koelt zijn eigen aanzuiglucht af en het rendement zakt in. Twee kanalen naar de galerijgevel lossen dat op, maar de roosters daarvan zijn gevelwerk en vallen dus onder hetzelfde VvE-reglement. De uitkomst hangt af van of het bestuur een rooster van zestien centimeter als "toestel aan de gevel" leest. Doorgaans niet. Zekerheid geeft alleen een schriftelijk akkoord vooraf.
Dan de verwarming. De radiatoren vragen op de koudste dag een aanvoer rond de 60 °C, want ze zijn ooit gedimensioneerd op een ketel van 80 °C en de isolatie van de schil is beter geworden maar niet goed genoeg voor 45 °C. Een hybride met buitenunit zou hier technisch kunnen, maar mag niet. Een binnenopstelling voor verwarming vraagt twee roosters van een halve meter in de gevel en een berging van vier keer de huidige. Een bodemlus boor je niet onder een portiekflat op eigen houtje. De verwarming blijft dus voorlopig op gas, met een ketel die moduleert en een weersafhankelijke regeling die de aanvoertemperatuur zo laag mogelijk houdt. Dat is geen nederlaag. Het tapwater, dat in een huishouden van twee personen een flink deel van het gasverbruik uitmaakt, gaat wél van het gas af, met een toestel dat volledig binnen staat en waar het bouwbesluit geen decibel over te zeggen heeft.
Wat dit patroon leert, geldt breder dan deze flat. Mijn advies is om bij elke woning waar de buitenunit niet kan of niet mag, eerst het tapwater los te trekken van de verwarming en dat deel nu te doen. De verwarming volgt zodra de VvE collectief beslist, en dan is de SVVE het loket, niet de ISDE van de individuele eigenaar. Een collega zou zeggen dat een warmtepompboiler naast een cv-ketel dubbel installeren is, twee toestellen voor wat de ketel ook alleen kan. Daar ben ik het niet mee eens. De ketel maakt tapwater op zijn slechtste rendement, in korte, hete stoten, terwijl de warmtepompboiler het 's nachts rustig doet op het stroomtarief dat u zelf kiest. En wie later alsnog all-electric gaat, houdt het vat gewoon staan. Dat is geen dubbel werk. Dat is de enige volgorde die in deze woning werkt.
Veelgestelde vragen over een warmtepomp zonder buitenunit
Is een warmtepompboiler nu wel of niet een warmtepomp zonder buitenunit?
Ja, en het is de enige die zonder voorbehoud zo heet. Boven op het vat zit een kleine warmtepomp met ventilator, compressor en warmtewisselaar, die warmte uit lucht haalt en in het water stopt. Alles staat binnen. De lucht komt uit de opstelruimte of via kanalen van buiten. Het toestel verwarmt alleen tapwater, niet de radiatoren; voor de verwarming blijft de cv-ketel of komt er een aparte warmtepomp. Wie het keyword intikt en een toestel voor de hele woning verwacht, komt hier bedrogen uit, maar wie het tapwater van het gas wil hebben zonder iets aan de gevel, zit precies goed.
Koelt een warmtepompboiler de ruimte waarin hij staat niet te veel af?
Dat doet hij wel degelijk, en dat is soms juist welkom. Een toestel dat lucht uit de berging trekt, blaast die kouder en droger weer uit. Op een zolder die 's zomers warm wordt is dat prettig, in een kleine berging onder de trap niet, en bij een te kleine ruimte zakt het rendement omdat het toestel zijn eigen aanzuiglucht afkoelt. Daarom schrijven fabrikanten een minimaal ruimtevolume voor, of kanalen naar buiten. De schouw meet de ruimte en kiest de variant.
Haalt een binnenopstelling voor verwarming een hogere SCOP omdat het toestel niet in de vrieskou staat?
Nee, dat is een hardnekkig misverstand. Het toestel staat binnen, maar werkt op buitenlucht die het via de kanalen aanzuigt. De verdamper ziet dezelfde min vijf als een buitenunit, met als extra de drukval over twee kanalen en roosters. De SCOP ligt in de praktijk op hetzelfde niveau of iets lager. Wat u wél wint, is dat het toestel niet in de regen staat en niet kan worden gestolen; wat u verliest, is de berging en de rust daarbinnen. Hoe geluid door de muur zich onderscheidt van geluid door de lucht, staat in warmtepomp geluid dempen.
Kan ik voor een bodemwarmtepomp bij M26 terecht?
De catalogus van M26 bestaat uit lucht/water-warmtepompen met buitenunit van Weheat, Remeha en Intergas en uit warmtepompboilers en vaten van onder meer Atlantic, Daikin, Vaillant, ATAG en Itho Daalderop. Een boring in de tuin valt daar buiten. Dat betekent niet dat een bodemsysteem een slecht idee is; op een ruime kavel met vloerverwarming is het rendement onverslaanbaar. Het betekent wel dat u daarvoor een gespecialiseerd boorbedrijf nodig heeft en dat de gemeente de bodemlus wil zien gemeld.
Krijg ik ISDE op een warmtepompboiler als mijn cv-ketel blijft hangen?
Ja. De ISDE kijkt naar het toestel op de meldcodelijst en naar wie het plaatst, niet naar wat er verder in de meterkast of aan de muur hangt. De warmtepompboiler moet op de lijst van RVO staan en geplaatst zijn door een bouwinstallatiebedrijf. Zelf plaatsen of door een klusser zonder de juiste KvK-inschrijving levert niets op. Vraagt u binnen 24 maanden ook isolatie aan, dan telt het hogere isolatietarief; dat is de enige stapeling die de regeling kent.
Telt een bovenwoning als bestaande bouw voor de ISDE, ook als de VvE straks collectief gaat?
Voor uw eigen warmtepompboiler in uw eigen woning bent u eigenaar-bewoner en gebruikt u de ISDE, met DigiD op het portaal van RVO. Besluit de VvE later tot een collectieve installatie voor het hele blok, dan loopt dat via de SVVE, een andere regeling met eigen voorwaarden. De twee bijten elkaar niet, zolang het niet om hetzelfde toestel gaat. Leg het bij twijfel voor aan RVO vóórdat de VvE tekent.
Vul uw adres in bij de configurator. Op basis van bouwjaar en woningtype ziet u direct welke toestellen in beeld komen, of een warmtepompboiler het tapwater van het gas kan halen zonder iets aan de gevel en waar een kleine buitenunit alsnog zou passen als de verwarming aan de beurt is. Wilt u eerst zien wat de verschillende routes kosten, dan staat dat op de prijspagina, inclusief het deel dat via de ISDE terugkomt per model. De schouw door onze eigen monteurs volgt daarna, met de berging en de buren als eerste meetpunt.
Hierna
Leest u onze artikelen graag? Zet m26.nl als voorkeursbron in Google, dan staat ons werk vaker in uw Topverhalen.