Gedeelde kennisbank
Gedeelde kennisbank

Klinkt uw warmtepomp ineens anders?

Een warmtepomp maakt geluid. Buiten hoort u de ventilator en een zacht gebrom van de compressor. Dat is het onderdeel dat de warmte "oppompt". Binnen hoort u soms de pomp die het water rondstuurt. Dat is allemaal normaal. Maar wat als het geluid ineens anders is? Harder, ratelend, borrelend of fluitend? Dan wilt u weten of dat kan wachten. In dit artikel leest u welk geluid normaal is en welk geluid een signaal is.

Hoeveel geluid is normaal?

Weheat meet het geluid volgens de norm EN 12102-1. Dat gebeurt op 3 meter afstand, in de standaardstand (stand 4), bij 7 °C buiten en op vol vermogen. dB(A) is de maat voor geluid zoals u het hoort. dB(A) is de maat voor geluid zoals u het hoort. dB(A) is de maat voor geluid zoals u het hoort. Ter vergelijking: 40 dB(A) klinkt als een rustige bibliotheek.

Model Geluid op 3 meter, stand 4
Flint P40 37,5 dB(A)
Sparrow P60 40,5 dB(A)
Blackbird P60 33,5 dB(A)
Blackbird P80 38 dB(A)

De Blackbird-cijfers zijn berekend voor een unit midden op een aanbouw van 3 bij 3 meter. Daar zit de weerkaatsing van de muren dus al in.

De wet stelt een grens bij de buren. Op de erfgrens (de grens met uw buren) mag het 's avonds en 's nachts hooguit 40 dB(A) zijn. Dat geldt van 19.00 tot 07.00 uur. Overdag is de grens 45 dB(A). Wij toetsen dat vóór de installatie. Meer daarover in hoeveel geluid maakt een warmtepomp.

Geluiden die normaal zijn

  • Harder op koude dagen. Bij vorst werkt de warmtepomp op vol vermogen. De ventilator draait dan sneller. Dat hoort u.
  • Blazen en damp bij het ontdooien. Op koude, vochtige dagen vriest de buitenunit aan. Een paar keer per dag ontdooit hij zichzelf. Dat duurt enkele minuten. U hoort een ander geluid en ziet even damp. Daarna gaat hij weer gewoon verder.
  • De pomp binnen die elk uur even aanslaat. Zo meet het toestel de watertemperatuur. Onder de 5 °C buiten draait die pomp door, tegen bevriezing.
  • Stromend water bij het opwarmen van het boilervat. Bij all-electric draait de warmtepomp dan een tijd achter elkaar.

Geluiden die een signaal zijn

Borrelen of ruisen in leidingen of radiatoren. Dan zit er lucht in het water. Lucht is een veelvoorkomende oorzaak van storingen bij warmtepompen. De pomp krijgt dan te weinig water door. Meld het ons. Wij ontluchten het systeem en vullen de druk bij. Kijk zelf alvast op de drukmeter: staat die onder de 2 bar?

Rammelen of trillen bij de buitenunit. Iets raakt de unit of trilt mee. Kijk of er iets tegenaan staat of ligt: een tak, een fiets, een kliko, een losse plank. Kijk of er ijs onder of tegen de unit zit. Staat de unit op een plat dak? Dan kan het trillen de constructie in gaan als de dempers niet goed staan. Bel ons; wij controleren de opstelling, de trillingsdempers en de flexibele slangen.

Een brom die u binnen hoort, vooral in de slaapkamer. De buitenunit staat op trillingsdempers. De eerste 50 cm leiding is flexibel, zodat trillingen niet de muur in gaan. Hoort u de brom ineens binnen, dan is er iets veranderd. Bijvoorbeeld een leiding die tegen de gevel is gaan liggen. Laat ons kijken.

Fluiten of hard stromen in de leidingen binnen. Dan stroomt het water te snel door een leiding. Dat gebeurt bij een te dunne leiding of een kraan die bijna dicht staat. Noteer wanneer u het hoort: alleen bij warm water, of altijd? Bel ons.

Een ventilator die schraapt of tikt. Er zit iets in het rooster: blad, een takje, ijs. Kijk van buiten, maar steek nooit uw vingers of een stok in het rooster. De lamellen zijn scherp. Kunt u het niet weghalen zonder de unit te openen? Bel ons. De buitenunit openen mag alleen een monteur.

Steeds aan en uit, elke paar minuten. Dat heet pendelen. De warmtepomp krijgt zijn warmte niet kwijt, of er zit te weinig water in het systeem. Dat kost rendement en geeft slijtage. Wij zien dit ook in het Weheat-portal, het online systeem van Weheat. Meld het, dan kijken we naar de instellingen en het buffervat.

Zelf de geluidsstand aanpassen

In de Weheat-app kiest u een geluidsstand van 1 tot 5. Stand 4 is standaard. Een lagere stand is stiller, maar geeft ook minder vermogen. Daarnaast is er een nachtbegrenzing. Tot 20 uur per dag draait de warmtepomp dan rustiger. Weheat adviseert: zak per keer één stand en wacht 24 uur. Blijft het huis warm, dan mag hij zo blijven. Wordt het kouder, ga dan een stand terug. Test dit op een koude dag; in de zomer merkt u het verschil niet.

Let op: een lagere stand lost een ratel of een brom niet op. Die komen niet van het vermogen, maar van iets dat los zit of meetrilt.

Klagen de buren?

Neem het serieus en bel ons. Wij rekenen de situatie na met de rekentool van de Rijksoverheid. Die werkt met het geluidsvermogen van het toestel (LwA, de sterkte van de bron zelf), niet met het getal op 3 meter. Meestal is er een oplossing: een andere geluidsstand, de nachtbegrenzing, een tegel of demper erbij, of een andere plek. Wat de regels precies zeggen, leest u in warmtepomp en geluidsregels.

Zelf uitrekenen

Wilt u weten hoe ver de buitenunit van de erfgrens moet staan? De ruimtecheck geeft per model een indicatie van de geluidsafstand.

Vraag het ons

Kunt u het geluid niet plaatsen? Neem het op met uw telefoon en plan een gesprek. Een opname zegt vaak meer dan een beschrijving.


Vraag niet beantwoord? Stel uw vraag aan ons team.